Bomgar software voor Privileged Access bijwerken

Ga naar de logboekregistratie van productwijzigingen voor meer informatie over elk van de releases van de Bomgar software voor Privileged Access.

Upgrade voorbereiden

  • Maak vóór een upgrade altijd vanaf /login > Beheer > Softwarebeheer een back-up van uw instellingen en uw configuratie. Het is een goede gewoonte ook een kopie van uw SSL-certificaten en privésleutel te exporteren en lokaal op te slaan om, wanneer de upgrade mislukt, toch door te kunnen werken.
  • Voor belangrijke softwarereleases worden klanten met een actief onderhoudscontract in een implementatierooster geplaatst. Als de upgrade klaar staat, krijgt u van Bomgar een waarschuwing per e-mail dat u met de upgrade-procedure kunt beginnen.
  • De installatie duurt meestal 15 minuten tot een uur. Maar als u grote hoeveelheden gegevens op uw apparaat opslaat (bijv. sessie-opnames), dan kan de installatie veel langer duren.
  • Bomgar beveelt aan het systeem bij te werken tijdens periodes van gepland onderhoud. Uw Bomgar website is tijdens het bijwerken tijdelijk niet beschikbaar. Alle ingelogde gebruikers en actieve sessies worden afgesloten.
  • Bomgar beveelt ook aan om de update in een gecontroleerde omgeving te testen voordat u deze in productie implementeert. U kunt het beste testen als u twee apparaten in een relatie met automatische omschakeling hebt en u een asynchrone update uitvoert. (Zie Verifiëren en testen).
  • Als u problemen ondervindt bij het bijwerken van de basissoftware, dan mag u de Bomgar Box niet opnieuw opstarten. Neem contact op met Bomgar technische ondersteuning.
  • Als u twee apparaten in een configuratie voor automatische omschakeling hebt, dan moet u overwegen of u de update synchroon of asynchroon wilt uitvoeren.
    • Bij synchroon bijwerken wordt het primaire apparaat eerst bijgewerkt en behoudt het zijn rol als primair apparaat. Bij deze methode is er een korte uitval. De methode wordt aanbevolen voor eenvoudige implementaties en scenario's waarbij het geen kwaad kan als het systeem tijdens het bijwerken offline is.
    • Bij asynchroon bijwerken wordt het back-up-apparaat als eerste bijgewerkt en neemt dan de rol van het primaire apparaat over. Bij deze methode is de uitval minimaal. Deze methode wordt aanbevolen voor grotere implementaties en scenario's die een maximale beschikbaarheid nodig hebben. Deze methode is wat ingewikkelder omdat het netwerk mogelijk moet worden aangepast om naar het back-up-apparaat over te schakelen.

Clients bijwerken

Alleen bij bepaalde upgrades moeten clients te worden bijgewerkt. Voor updates van de basissoftware en extra licenties hoeft de clientsoftware niet te worden bijgewerkt. Bij updates voor de site-versie moeten de clients wel worden bijgewerkt. Meestal wordt de client automatisch bijgewerkt, maar de procedure voor bijwerken staat hieronder voor elk type client vermeld.

  • Uw geïnstalleerde toegangsconsoles moeten worden bijgewerkt nadat de website is bijgewerkt. Doorgaans gebeurt dit automatisch wanneer de gebruiker de volgende keer de toegangsconsole uitvoert.
    • Toegangsconsoles die in het verleden met behulp van MSI op vergrendelde computers zijn geïmplementeerd, moeten mogelijk opnieuw worden geïmplementeerd nadat het bijwerken voltooid is.
    • Als Bomgar technische ondersteuning de functie om een toegangsconsole uit te pakken heeft ingeschakeld, dan kunt u een MSI-installatieprogramma downloaden om de toegangsconsoles bij te werken voordat u het apparaat bijwerkt. Hiervoor moet u handmatig of automatisch op de nieuwe update controleren. Let op: bijgewerkte consoles komen pas online als het bijbehorende apparaat is bijgewerkt. Het is niet nodig de installatie van de oorspronkelijke console te verwijderen voordat u de nieuwe implementeert, omdat de nieuwe automatisch de oorspronkelijke installatie vervangt. Het is echter een goede gewoonte om een kopie van de oude MSI te bewaren om de verouderde installaties te verwijderen nadat het bijwerken van het apparaat is geslaagd, mocht dat verwijderen noodzakelijk blijken. Met de nieuwe MSI kan dat niet.
  • Na een update worden geïmplementeerde Jump-clients automatisch bijgewerkt.
    • Als geprobeerd wordt grote aantal Jump-clients tegelijkertijd bij te werken, dan kan het apparaat overbelast worden, waardoor, afhankelijk van de beschikbare bandbreedte en hardware, zowel de prestaties van het apparaat als van het netwerk slechter worden. Om de hoeveelheid brandbreedte en hulpbronnen die door het bijwerken van Jump-clients worden verbruikt te regelen, gaat u naar /login > Jump > Jump-clients en stelt u het Maximaal aantal gelijktijdige upgrades van Jump-clients op een lagere waarde in.
    • Actieve en passieve Jump-clients worden bijgewerkt als zij de eerste keer na de update van de Bomgar Box zich op dat apparaat aanmelden. Dit gebeurt uitgaand op regelmatige intervallen vanaf de host van de Jump-client via TCP-poort 443 naar de Bomgar Box. Actieve Jump-clients melden zich direct aan nadat de upgrade van de Bomgar Box is voltooid. Passieve Jump-clients melden zich tijdens het opstarten aan, nadat ze een verbinding vanaf de toegangsconsole hebben gemaakt en nadat ze vanuit het pictogram in het systeemvak is verteld zich aan te melden. Bovendien melden ze zich tenminste eens per 24 uur aan.
  • Na een update moeten geïmplementeerde Jumpoints automatisch worden bijgewerkt.
  • Bomgar verbindingsagenten worden automatisch bijgewerkt nadat de site is bijgewerkt.
  • Bomgar integratieclients worden niet automatisch bijgewerkt nadat de site is bijgewerkt. Bomgar integratieclients moeten handmatig opnieuw worden geïnstalleerd. Installatieprogramma's voor integratieclients zijn beschikbaar op de pagina Downloads op help.bomgar.com.
  • Na bijwerken is het nodig om eventuele installatiepakketten die eerder voor Jump-clients en toegangsconsoles waren aangemaakt, opnieuw te genereren. De clients zelf worden bijgewerkt zoals hierboven beschreven. Maar de installatieprogramma's ervoor worden ongeldig nadat de Bomgar Box is bijgewerkt waarop ze waren aangemaakt.